Iraanse staatskrant onthult: de actuele feiten en het nieuws over de aardbeving worden niet gepubliceerd

  16 november 2017 

 

Een staatskrant gaf toe dat

de actuele feiten en het nieuws over de aardbeving niet gepubliceerd worden

  16 november 2017 

 

Een staatskrant gaf toe dat regeringsfunctionarissen en media het publiek niet informeren over de feiten en het actuele nieuws over de situatie na de aardbeving in de westelijke provincies van Iran en de slachtoffers daarvan.

De staatskrant Jame’eh Farda (De Gemeenschap van Morgen) merkte de geheimhouding van het Iraanse regime op bij het mededelen van de statistieken en van echt nieuws betreffende de aardbeving, waarbij honderden mensen gedood werden en duizenden gewond, en schreef: “We verbergen de wreedheid van de natuur net zoals we de publieke opinie m.b.t. onze politieke mislukkingen misleiden.”

“Onbereikbare dorpen, afgesloten wegen, geblokkeerde communicatiemogelijkheden en verbijsterde overlevenden of families van de gevallen slachtoffers, jong en oud of kinderen, en het gebrek aan faciliteiten en aan deskundig management, de alleen op papier bestaande comités die met kritieke situaties moeten omgaan en hun publieksrelaties die erin bestaan de ware omvang van de ramp te minimaliseren, wat blijkbaar hun allereerste opdracht is (in plaats van de echte feiten over de aardbeving). Informeel nieuws en telefoontjes van de families (van de slachtoffers) vanuit afgelegen locaties wijzen vanaf het begin een catastrofe, een ramp als gevolg van de aardbeving,” schreef de krant.

Deze staatskrant haalt een ooggetuige uit de dorpen rond Salas Babajani (in de provincie Kermanshah, West-Iran) aan en schreef: “De meeste van deze dorpen  zijn voor 100% verwoest.  In een dorp met 35 huishoudens verloren 18 personen het leven en in een ander dorp met 50 huishoudens bleven er slechts 2 over.”

“De toestanden die ik hier zag zijn dezelfde als de beelden die we eerder gezien hebben in Aleppo en Idlib (Syrië) ... alle buitenmuren van het Mehr-wooncomplex  in de buurt van  Fouladi (Steel) zijn ingestort ...,” verklaarde een andere ooggetuige in Sarpol Zahab. “Het management van de hulpoperaties is erg zwak ... terwijl al deze gebouwen door naschokken helemaal kunnen instorten ....”

Volgens een ander bericht gaf Shahab Naderi, lid van het Iraanse parlement, toe dat er geen exacte cijfers over het aantal doden in Salas Babajani en Azgeleh beschikbaar zijn en dat de reddingsoperaties doorgaan.

“Helaas is 90 tot 95% van de huizen in Salas Babajani, Azgeleh, Jeygaran en Javanrood verwoest, en gezien de enorme omvang van de verwoesting volstaat de geboden hulp volstrekt niet ... de door de aardbeving getroffen bevolking in deze gebieden is talrijk terwijl de reddingsfaciliteiten mager zijn ... Maar er komt nog steeds meer hulp naar dit gebied vanuit spontane donaties dan van officiële zijde. De operatie om het puin te ruimen gaat nog steeds door,” gaf hij toe.

Deze parlementariër van het regime gaf ook nog toe dat de staatsmedia de door de beving getroffen regio’s negeerden en zei: “Terwijl de grootste verwoesting ooit in dit gebied plaatsvond, hebben de media er geen aandacht aan besteed.”

Van de andere kant heeft het Iraanse regime de doortocht van ongeautoriseerde voertuigen op wegen naar Kermanshah geblokkeerd en mensen belet de stad in te gaan die mede dankzij donaties hulp willen bieden aan aardbevingsslachtoffers.

De bevelhebber van het verkeerscontrolecentrum van het regime kondigde woensdag 15 november aan dat het voor alle ongeautoriseerde personenvoertuigen verboden is zich op wegen te bevinden die naar de provincie Kermanshah leiden.

Volgens op dinsdag 14 november 2017 ontvangen berichten blokkeerden inwoners van de door de aardbeving getroffen dorpen in de omgeving van Sarpol Zahab blocked de verkeersweg uit protest tegen het gebrek aan water en voedsel.

De berichten melden dat door de beving getroffen mensen zich verzamelden voor het politiebureau aan de Dalahou-weg naar Sarpol Zahab uit protest tegen het gebrek aan hulp- en reddingsdiensten.

Ondanks de aankondiging door de Iraanse autoriteiten dat ze ’s lands faciliteiten zouden mobiliseren om de door de aardbeving getroffen mensen in de westelijke provincies te helpen, wijzen berichten op de zwakte van de hulpoperaties.

Sommige media en sociale netwerken melden dat veel getroffen burgers op straat en in open ruimten slapen, en dat bij koud weer en al voor de derde opeenvolgende nacht. Dit betekent dat ze geen tenten als onderdak ontvingen.

Daarbij verkondigt de crisis-managementorganisatie van het Iraanse regime dat “er genoeg faciliteiten aanwezig zijn.”

Volgens recente cijfers van regeringsnieuwsagentschappen heeft de aardbeving van afgelopen zondagavond tot nu toe meer dan 500 mensen gedood en werden er 9000 gewonden naar een hospitaal gebracht.

En Mohammad Taghi Nazrpour, hoofd van de Iraanse dienst Schoolmodernisering, -ontwikkeling en -uitrusting meldde dat het aantal verwoeste scholen in de provincie Kermanshah 70 bedraagt, met in totaal 400 klaslokalen.

Een vrouw uit de getroffen regio vertelt in een video: “We kregen niet één rial, noch cash, noch in de vorm van niet-financiële hulp. De situatie is verschrikkelijk.”

Duizenden woningen zijn verwoest en honderden mensen zijn achtergelaten, slapend op straat of in hun auto, omdat ze bang zijn dat hun gebouw op elk moment zou kunnen instorten.

Het provinciebestuur van Gilan-e-Gharb meldde “zeer veel schade” en “blunders bij het zenden van hulp naar veel dorpen.” Het drinkwater in Gilan-e Gharb is nog steeds afgesloten.

De overlevenden van de aardbeving in West-Iran smeekten de Iraanse regimefunctionarissen om levensmiddelen en onderdak. Ze vertelden dat hulp erg traag op gang kwam, omdat het regime buitenlandse hulp afwees.