Iran opnieuw in de top vijf van vijanden van de vrije media

 (Volgens Verslaggevers zonder grenzen (Reporters without Borders (RSF))

https://en.radiofarda.com/a/iran-media-freedom-rsf/29127608.html

De Islamitische Republiek, samen met China, Syrië, Turkije en Vietnam heeft zijn plaats behouden, als een van de vijf grootste gevangenissen voor journalisten in de wereld. Dit was wat RSF via radio Fardo meedeelde aan het eind van dit laatste, Iraanse jaar, dat eindigde op 21 maart j.l.

De hoofdredacteur voor Iran van RSF, Moeinei, zei dat Iran op de 165-ste plaats staat van de lijst van 180 landen, die worden beoordeeld op hun gevaarlijkheid voor journalisten. Het 180-ste land is het meest gevaarlijk.

RSF begon twintig jaar geleden met een ranglijst van landen m.b.t. de veiligheid van mediaredacties in het betreffende land. In de laatste twintig jaar heeft Iran altijd behoord tot de 15 gevaarlijkste landen voor journalisten. Terugkijkend op het voorbije jaar in Iran wijst Moeinei erop dat de Islamitische Republiek officieel de opsluiting van 28 journalisten in deze periode heeft toegegeven. Een aantal van hen kreeg een vrijheidsstraf, anderen wachten nog op een proces. “We hebben al herhaaldelijk erop gewezen dat deze vrijheidsberovingen van willekeur getuigen en zelfs ingaan tegen de grondwet van de Islamitische Republiek,” merkt Moeinei op,  hij voegt eraan toe: “In de meeste gevallen is de insluiting in het geheim gebeurd, op een onbekende, niet geïdentificeerde plaats, de gevangen zijn beroofd van hun grondrechten.”

Iran heeft al bijna veertig jaar de vrijheid van informatie onderdrukt, met de bedoeling om journalisten om te vormen tot spreekbuizen van het regiem, maar ook om ze tenminste in toom te houden, volgens Moeinei.

Ondertussen heeft de Islamitische Republiek, volgens Moeinei en RSF-verslagen, zijn censuur uitgebreid tot buiten zijn grenzen door buitenlandse correspondentschappen te bedreigen en onder druk te zetten.

In februari rapporteerde RSF dat “buitenlandse nieuwsagentschappen in Iran goed in de gaten werden gehouden en lastiggevallen.” In het RSF-rapport wordt een in Teheran gestationeerde AFP-verslaggever geciteerd, die zegt: “Het regiem oefent controle uit door de plaatsing van eigen journalisten binnen het agentschap, die kunnen dan  de autoriteiten precies vertellen wat er omgaat, of door bedreiging van buitenlandse journalisten, die de opgelegde censuur niet accepteren . Er zijn talloze gevallen bekend van journalisten die werden beschuldigd van onzedelijk gedrag en die met gevangenisstraf werden bedreigd.”

BBC (Perzië), Radio Farda, VOA en andere op Iran gerichte omroepen krijgen geen toestemming voor een eigen kantoor in Iran en hun werknemers in het buitenland  “staan altijd onder druk van de veiligheidsdiensten van de Islamitische Republiek,” zegt Moeinei.

“Het probleem met de autoriteiten in de Islamitische Republiek is dat zij pers en media altijd onder het mom van het in gevaar brengen van de veiligheid lastig vallen. Zij erkennen geen onafhankelijke pers en willen die uitroeien. Ze willen dat alle verslaggevers doen wat de overheid wil”, zegt hij.

Sinds RSF in 1997 in Iran begon met het volgen van misbruik tegen de pers, zijn tenminste 350 media vestigingen gesloten, meer dan 800 journalisten zijn gevangen genomen en verhoord en ongeveer 500 van hen kregen gevangenisstraffen, lopend van drie maanden tot 19 jaar. “Allen werden hun rechten onthouden. Miljoenen Internet pagina’s met vrij vergaard nieuws en informatie werden gecensureerd.,” zegt Moeinei.

President Hassan Rouhani en zijn regering, merkt Moeinei op: “Hebben tot nu toe niets gedaan voor een vrije verspreiding van informatie in Iran.” Rouhani’s daden, m.b.t. een vrije en onafhankelijke pers in Iran, staan in schril contrast met zijn beloften in de twee campagnes voor het presidentschap, benadrukt  Moeinei en voegt eraan toe, “Zijn verwijzing naar de onafhankelijke rechter en het opsluiten van journalisten voorstellen als verantwoordelijk handelen, is iets dat niet geaccepteerd kan worden van Rouhani en zijn ministers.”

Hij wijst op het feit dat Rouhani de macht heeft om de toepassing van de grondwet te beïnvloeden, Moeinei houdt vol: ” Rouhani heeft nooit iets gedaan om Iraanse journalisten, die onrechtmatig werden vervolgd, te verdedigen”

Integendeel, Moeinei zegt dat de meeste druk op journalisten wordt uitgeoefend door departementen, kantoren en andere instellingen, die onder direct gezag van Rouhani staan (27 maart 2018)