De gruwelijke martel dood van een student

• Agenten van de MOIS Omdat hij de leider beledigde, werd hij lijfelijk gestraft.

• Het regime probeert deze misdaad als zelfmoord te bestempelen

In een gruwelijke misdaad tegen de menselijkheid is Keramatallah Za’reian, een 27 jaar oude student aan de Universiteit van Teheran, door de religieuze machthebbers doodgemarteld. Hij is binnen één maand de derde gedetineerde, na Sattar Beheshti en Jamil Soweidi, die door martelingen is omgekomen, en dit nieuws is onlangs uitgelekt.

Vele politieke gevangenen worden vermoord in martelkamers en beveiligde huizen, maar hun verhaal komt nooit naar buiten.

Keramatallah Za’reian, die drie keer eerder werd gearresteerd vanwege zijn politieke activiteiten en altijd werd gezocht, verdween op 25 december. De beulen die hem doodmartelden hebben vervolgens zijn stoffelijk overschot in de badkuip van zijn huis in de de wijk Nezamabad in Teheran gelegd en er heet water over laten stromen om de sporen van martelingen te verbergen. Zijn lichaam was gebroken, verwoest als gevolg van infecties en afschuwelijk misvormd. Op 29 december werd zijn familie ingelicht dat Keramtallah iets was overkomen en gevraagd om van Jahrom naar Teheran te reizen. Het Ministerie van Informatie en Veiligheid (MOIS) van de mullahs vertelde zijn familie dat hij lijfelijk gestraft was omdat hij de leider had beledigd.

Keramatallah Za’reian begon zijn protestactiviteiten meteen na zijn toelating tot de kunstopleiding aan de Universiteit van Teheran in 2003. In 2006 werd hij voor het eerst gearresteerd. Op 7 december 2009 werd hij voor de tweede keer gearresteerd en overgebracht naar het dodenkamp Kahrizak, waar hij wreed werd gemarteld alvorens te worden overgebracht naar de beruchte Evin gevangenis. Na zijn vrijlating werd hij voortdurend onder druk gezet en vervolgd, en hij werd verwijderd van de universiteit. in februari 2011 werd hij voor de derde keer gearresteerd en gevangengehouden onder een meedogenloos martelregime.

Het Iraanse verzet verzoekt de internationale gemeenschap en de relevante internationale instanties dringend om deze brute misdaad te veroordelen en vraagt de VN-Veiligheidsraad om de situatie van politieke gevangenen en in het bijzonder het vermoorden van gevangenen door martelingen internationaal te onderzoeken, om de onophoudelijke en systematische schendingen van de mensenrechten in Iran voor de Veiligheidsraad te brengen, en om krachtige en bindende maatregelen te nemen om een einde te maken aan deze misdadige en onmenselijke daden.